Geen categorie

Burgerberaad kan het draagvlak voor klimaatbeleid versterken

13 juli 2020

We hebben in Nederland een traditie van overleg tussen maatschappelijke groeperingen. “Polderen” wordt dat vaak genoemd. In die traditie is ook het Klimaatakkoord tot stand gekomen. Meer dan 100 organisaties zijn bij het tot stand komen daarvan betrokken geweest. En toch voelen burgers zich onvoldoende betrokken, zoals blijkt uit de protesten tegen nieuwe windmolens, zonneparken en de operatie om woonwijken van het aardgas af te halen.

Er is een nieuwe vorm van democratische betrokkenheid aan het ontstaan in Europa. Burgerberaden worden ze genoemd. Het zijn door loting aangewezen groepen van burgers, die een afspiegeling zijn van de bevolkingssamenstelling. Zij buigen zich over complexe kwesties, zoals (onderdelen van) het klimaatbeleid en doen aanbevelingen aan de politiek. Het idee is gepromoot door David van Reybrouck, de Belgische schrijver van het boek Tegen Verkiezingen. Het is inmiddels in Ierland, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en in steden als Kopenhagen en het Zwitserse Sion toegepast. Met veel succes.

In Ierland hebben de aanbevelingen van zo’n burgerberaad geleid tot de afschaffing van het verbod op abortus, een enorme omslagpunt in het streng katholieke land. Daarna is er ook een burgerberaad over klimaatbeleid gehouden met als uitkomst een grote steun voor een ambitieus beleid, inclusief controversiële elementen als een belasting op de uitstoot van CO2 en andere broeikasgassen, ook die van de voor Ierland belangrijke landbouwsector.

In Frankrijk is door president Macron een burgerberaad over klimaatverandering ingesteld. Ongetwijfeld als reactie op de heftige protesten van de “gele hesjes” tegen eerdere, als klimaatmaatregel bedoelde, verhogingen van de brandstofbelasting. Van de 149 voorstellen van het beraad heeft president Macron er 146 overgenomen, een groot succes voor het beraad.

In het Verenigd Koninkrijk is door het Parlement een Climate Assembly UK met 108 deelnemers gecreëerd. Het rapport komt pas in september beschikbaar. Maar bekend is al dat het beraad de doelstelling van netto nul broeikasuitstoot in 2050, die al in een wet was vastgelegd, ondersteunt. Dit is niet vanzelfsprekend gezien de enorme implicaties hiervan voor de samenleving.

En op 9 januari heeft het Europees Parlement een resolutie aangenomen die voortborduurt op het voornemen van de nieuwe EU-commissievoorzitter Ursula von der Leyen om vanaf 2020 een twee jaar durende conferentie over de toekomst van Europa te beginnen, met daarin een actieve rol voor burgers. Het EU-parlement ondersteunt dit idee.

Ervaringen van de diverse burgerberaden worden geëvalueerd om te zien wat goed werkt en wat beter kan.

Is dit ook voor Nederland een manier om meer draagvlak onder de bevolking te krijgen voor de uitvoering van het Klimaatakkoord? Daan Roovers (filosoof en Denker des Vaderlands) en Eva Rovers (schrijver en kunsthistoricus) hielden daarvoor een pleidooi in een ingezonden stuk in de NRC. En ook Jelmer Mommers, journalist van de Correspondent, deed dat onlangs. Een burgerberaad kan de betrokkenheid bij politieke besluitvorming vergroten en daadwerkelijk iets doen aan de breed gevoelde kloof tussen burger en politiek.

Maar er zijn ook tegengeluiden. Een burgerberaad kan als een concurrent van de politieke besluitvorming worden gezien en als “achterkamertjespolitiek” worden beschouwd. Met de “poldercultuur” die in Nederland bestaat wordt een burgerberaad ook snel als overbodig gezien, dat wil zeggen vanuit de positie van de organisaties die al wel aan tafel zitten. Er zijn inmiddels wat kleine experimenten in Nederland in gang gezet in steden als Heerenveen, Amsterdam, Den Haag, Rotterdam, Utrecht en Groningen.

Omdat er al een Klimaatakkoord ligt, lijkt het voor Nederland niet verstandig dit proces met een burgerberaad nog eens over te doen. Wat wel heel nuttig zou zijn is het inzetten van een burgerberaad over de uitvoering van onderdelen van het Klimaatakkoord. Bijvoorbeeld over de warmtetransitie, die ervoor moet zorgen dat in 2050 alle huizen en gebouwen van het aardgas af zijn voor hun verwarming. Hierover bestaat veel weerstand onder bewoners en veel onzekerheid over de betaalbaarheid van de alternatieven. Een burgerberaad kan met oplossingen komen waarvoor wel draagvlak bestaat.

 

lees meer
urgendaBurgerberaad kan het draagvlak voor klimaatbeleid versterken

Regionale Energie Strategieën

15 juni 2020

De Regionale Energie Strategieën, RES’en zoals ze kortheidshalve worden genoemd, zijn de uitwerking van afspraken in het Klimaatakkoord om tot 2030 een grote extra capaciteit aan opwekking van duurzame elektriciteit op land te realiseren en in 2030 1,5 miljoen huizen te verwarmen met duurzame warmtebronnen. Nederland is verdeeld in 30 regio’s, die ieder een eigen RES opstellen.

Wat is een RES?

Een RES is een strategie waarin overheden met maatschappelijke partijen gezamenlijk aangeven hoeveel, waar en wanneer ze hernieuwbare energie willen gaan realiseren. Het gaat om duurzame elektriciteit en duurzame warmte. Daaronder valt ook de opslag van energie en het transport. De RES gaat over de periode tot 2030, met een doorkijk naar 2050.

Hoeveel duurzame energie moet er geleverd worden?

Alle RES’en samen moeten 35 Terawattuur (Twh) aan opgewekte duurzame elektriciteit in het jaar 2030 opleveren. Windparken op de Noordzee staan daar los van. Ter vergelijking: de totaal opgewekte van duurzame elektriciteit in Nederland in 2019, inclusief van windparken op zee, was 21,8 TWh. Wat duurzame warmte betreft moet dat in totaal voldoende zijn om de geplande 1,5 miljoen huizen in 2030 zonder aardgas te verwarmen.

Hoe wordt een RES opgesteld?

Per regio stellen provincies, gemeenten en waterschappen, in overleg met maatschappelijke organisaties, bedrijfsleven en burgers, de concept RES op (was eerst uiterlijk 1 juni, maar is i.v.m. corona uitgesteld tot oktober 2020). Er is geen standaardproces vastgelegd. Elke regio vult het op eigen wijze in. Op een interactieve kaart staat per regio hoe het proces is georganiseerd en wat de laatste stand van zaken is. Op dit moment zijn zo’n 26 voorlopige concept RES’en gepubliceerd.

Na een landelijke doorrekening door het Planbureau voor de Leefomgeving om te zien of alle RES’en optellen tot het gewenste totaal, wordt er binnen en tussen de RES regio’s overlegd hoe eventuele tekorten kunnen worden weggewerkt. Daarna stellen de regio’s de definitieve RES 1.0 op (uiterlijk 1 juli 2021), die vervolgens elke 2 jaar wordt geëvalueerd en eventueel bijgesteld.

In deze animatie is het hele RES proces kort samengevat.

Hoe staat het met de Burgerparticipatie?

Burgers participeren in het RES proces door input te leveren op basis van enquêtes, deelname aan ontwerpsessies of inspraak naar aanleiding van voorlopige plannen. Bovendien is in het Klimaatakkoord vastgelegd dat er bij de realisatie van duurzame elektriciteitsopwekking op land gestreefd wordt naar 50% eigendom van de lokale omgeving. Door de corona maatregelen is de betrokkenheid van burgers in veel regio’s vertraagd of slechts ten dele uitgevoerd. In de komende periode tot 1 oktober zal dat moeten worden ingehaald

Vijf maatschappelijke organisaties van, voor en door bewoners: HIER, de Natuur en MilieufederatiesEnergie SamenBuurkracht en LSA bewoners, samen de Participatiecoalitie, geven ondersteuning aan regio’s om de burgerparticipatie vorm te geven. Voorbeelden van de Participatiecoalitie:

  • De gemeente Bodegraven heeft samen met lokale energiecoöperatie Bodegraven-Reeuwijk en landelijke coöperatie De Windvogel, vijf bewonersavonden georganiseerd over de energietransitie. Honderden belangstellenden gingen enthousiast aan de gang met plattegronden en stickers van windmolens en zonnevelden. Doel: gezamenlijk mogelijke locaties voor windmolens en zonnevelden in Bodegraven-Reeuwijk. Over de uitgekomen zoekgebieden gingen de deelnemers in gesprek. Daarnaast zijn de gemeentelijke ambities op het vlak van duurzame energieopwekking gedeeld, waarin de coöperatieve aanpak en de noodzaak voor draagvlak centraal staan. De bijeenkomsten gaven energiecoöperatie Bodegraven-Reeuwijk kans haar werkwijze uit te leggen en vragen van bewoners te beantwoorden. Zie hier meer informatie.
  • Energie Samen organiseert bewonersparticipatie Windmolens Zeewolde. Initiatiefnemer van het windpark is Ontwikkelvereniging Zeewolde. Met als leden: bewoners, agrarisch ondernemers en turbine-eigenaren uit het gebied. Het uitgangspunt van de vereniging was vanaf begin af aan dat iedereen in de omgeving volwaardig kon deelnemen in het project. Dus ook omwonenden die op de molens uitkijken. De vereniging heeft Energie Samen benaderd om de bewonersparticipatie te faciliteren. In februari 2017 is burgerwindcoöperatie De Nieuwe Molenaars opgericht.
  • Gebiedscoöperatie Rivierenland vertegenwoordigt coöperaties in RES Rivierenland (GCR) vertegenwoordigt het groeiende netwerk van de lokale energiecoöperaties in de Regionale Energiestrategie Rivierenland. Als deelnemer in de voorbereidende Regiegroep en de Stuurgroep van de RES, behartigt  de GCR de belangen van de duurzame burgerinitiatieven. Ze zorgt ervoor dat ze geïnformeerd en betrokken worden. Regio Rivierenland – het samenwerkingsverband van de acht gemeenten in de regio – is al vroeg gestart met een voorbereidingstraject op de RES, en vanaf het begin samen met de GCR. Belangrijk aandachtspunten: de juiste stakeholders aan tafel krijgen en elkaar beter leren kennen, met oog op vertrouwen en goede samenwerking.

. Raadpleeg de betreffende RES regio om te zien hoe en wanneer u kunt participeren.

lees meer
urgendaRegionale Energie Strategieën

Landbouw, klimaat, milieu en biodiversiteit

25 mei 2020

De landbouwsector in Nederland is verantwoordelijk voor 14% van de uitstoot van broeikasgassen. De helft daarvan is methaan, CO2 en lachgas nemen elk een kwart voor hun rekening. De veehouderij is goed voor de helft van de uitstoot, de akkerbouw en de glastuinbouw voor de rest. In de EU is de totale uitstoot gemiddeld zo’n 10%. Niet meegeteld daarbij zijn de CO2-uitstoot van landbouwmachines, de CO2-uitstoot van de opwekking van gebruikte elektriciteit op de boerderij, de uitstoot als gevolg van het produceren van kunstmest, het transport en de verwerking van voedsel en de CO2-uitstoot die het gevolg is van de productie (o.a. ontbossing) en het vervoer van soja en ander veevoer in andere landen. Als je dat allemaal meetelt, dan is de bijdrage van de landbouw 2-3 keer zo groot.

Maar broeikasgassen zijn niet het enige probleem. De uitstoot van stikstof (vooral in de vorm van ammoniak uit de veehouderij) en de depositie daarvan op natuurgebieden vormt een groot probleem voor de natuur, vooral in Nederland. De biodiversiteit in landbouw- en natuurgebieden is drastisch afgenomen. Weidevogels gaan al jaren systematisch achteruit. Het gebrek aan insecten en het maaibeheer van de intensief bemeste graslanden zijn een belangrijke oorzaak. De pesticiden belasting in het oppervlaktewater is nog steeds veel te hoog. Het intensieve en hooggeïndustrialiseerde, op export gerichte, Nederlandse landbouwsysteem heeft de ecologische grenzen ver overschreden.

De nota “Waardevol en verbonden” van Minister Schouten wordt dit erkend en wordt een visie neergelegd die moet leiden tot Kringlooplandbouw. Daarin wordt veel aandacht besteed aan precisiebemesting om verlies van bijvoorbeeld stikstof naar de omgeving te stoppen, voorkomen van plagen in plaats van bestrijden, natuurinclusief boeren, netto nul energieverbruik in de glastuinbouw, etc. Maar in de recente maatregelen ter bestrijding van de stikstofcrisis is van deze structurele veranderingen maar weinig terug te vinden. En wat betreft biologische landbouw (waar Nederland zwaar achteraan loopt in de EU, zie grafiek) is er tot nu toe geen stimulerend beleid te bespeuren.

Wellicht gaat Europa dat veranderen. Het gemeenschappelijk landbouwbeleid van de EU, met de daaraan gekoppelde toeslagen voor vrijwel alle landbouwactiviteiten, is zeer bepalend voor wat boeren in de praktijk doen. Tot dusver was dat gericht op efficiency en productieverhoging, met een klein groen randje om het agrarisch natuurbeheer te stimuleren. Maar nu is verandering op komst.

Vorige week werden de  strategie “Van Boer tot Bord” en “Biodiversiteit” door de Europese Commissie gepresenteerd, als onderdeel van de ambitieuze European Green Deal. Daarin staan ambitieuze doelen voor kringlooplandbouw (minimaal 50% reductie van nutriënten verlies naar de bodem in 2030), stimuleren van natuurinclusief boeren, biologische landbouw (in 2030 minimaal 25% van totale landbouwgebied), beperking van pesticidengebruik (halvering in 2030). Dat zal tot een ander systeem van toeslagen uit het gemeenschappelijk landbouwsysteem moeten leiden. Als dat echt gebeurt, dan is er hoop voor de hoognodige structurele verandering in de Nederlandse landbouw.

lees meer
urgendaLandbouw, klimaat, milieu en biodiversiteit

Een groen economisch herstel: geen woorden maar daden

11 mei 2020

“Degenen die denken dat de wereld van voor corona terugkeert, precies zoals die toen was, leven in een illusie. Deze crisis biedt ook kansen om opnieuw met elkaar na te denken over hoe de wereld er hierna uitziet.”

Dit is niet een uitspraak van een van de velen die roepen dat alles nu anders wordt en de ideale duurzame samenleving nu voor het grijpen ligt. Het is een recente uitspraak van premier Rutte. Het geeft goed aan dat er door het kabinet serieus wordt gewerkt om het benodigde economisch herstel zo duurzaam mogelijk in te vullen. De verklaring over “Samen doorbouwen”, de voorwaarden genoemd bij de aankondiging van steun aan de KLM en de antwoorden van Minister Wiebes op Kamervragen over de agenda van de Energieraad zijn daar uitwerkingen van.

Het komt er nu op aan goede intenties om te zetten in concrete acties. De vraag daarbij is of een duurzame invulling van een economisch herstelpakket voldoende werkgelegenheid gaat opleveren, of het bedrijfsleven en de burgers voldoende ruimte hebben om te investeren (een MVO-peiling onder bedrijven suggereert dat de overgrote meerderheid van bedrijven wel kansen ziet) en of er voldoende overheidsfinanciën beschikbaar zijn. Wat dat laatste betreft zal een economisch herstelpakket in elk geval grote overheidsbestedingen vergen; het is dus meer een kwestie van kiezen waaraan het geld wordt besteed. Wat zouden in dat licht belangrijke elementen van zo’n duurzaam herstelpakket kunnen zijn?

In de energiesector moet er conform het Klimaatakkoord nog heel veel gebeuren om in 2030 75% van onze elektriciteit duurzaam op te wekken. De recente tussenrapportage over de Regionale Energie Strategieën laat zien dat er, op basis van 20 van de 30 concept RES-plannen, nu al meer capaciteit voor duurzame opwekking op land is geïdentificeerd dan in het Klimaatakkoord opgenomen. Dat biedt een uitgelezen kans de aanleg van wind- en zonne-energie te versnellen, samen met de versterking van de netcapaciteit, die nu een belemmerende factor is en samen met het versterken van de financiële participatie door burgers. Een probleem dat daarbij wel moet worden opgelost is, dat er met het huidige systeem steeds vaker negatieve prijzen voor elektriciteit zijn te verwachten als het aanbod van wind- en zonne-energie toeneemt. Dan kunnen investeringen niet meer worden terugverdiend. Verder is dit het moment om eindelijk alle fossiele energiesubsidies, die nog altijd zo’n 2 miljard per jaar bedragen, af te schaffen (ODI).

In de industrie is er grote behoefte aan de ontwikkeling van nul-emissie processen in de staal- en chemische industrie. Groene waterstof kan daarin een grote rol spelen. Daarvoor is royale overheidsstimulering nodig, die ervoor kan zorgen dat de industrie in 2050 CO2 vrij kan opereren. Er liggen ook nog vele mogelijkheden voor energiebesparing in bedrijven en instellingen, waarmee veel werkgelegenheid gepaard gaat. Een nationaal plan energiebesparing is een goede invulling van een groen herstel. De CO2 prestatieladder, die al werkt in de bouwsector, kan daarin een belangrijke rol vervullen.

In de gebouwde omgeving ligt een omvangrijk en ambitieus plan klaar om alle gebouwen in Nederland uiterlijk in 2050 van het aardgas af te hebben. Bij de uitvoering treden nu al vertragingen op door beperkte capaciteit bij gemeenten en installatiebedrijven, onzekerheid bij burgers over de implicaties en de financiering en problemen met en verzet tegen warmtenetten. Dit is typisch een operatie waar veel werkgelegenheid mee is gemoeid, die met royale overheidssteun goed is uit te voeren en die sterk bijdraagt aan het halen van de klimaatdoelen. Een forse injectie in dit programma is dan ook een uitstekende invulling van een duurzaam herstelpakket. Alleen al het versoepelen van de bestaande isolatiesubsidies kan al veel opleveren (Cobouw). Aangezien Nederland voorloper is in Europa op dit terrein zal dit ook uitstekende exportmogelijkheden creëren.

De coronacrisis heeft ons geleerd dat veel verplaatsingen kunnen worden vervangen door online werk en online bijeenkomsten. Het zou een gemiste kans zijn dat weer kwijt te raken. Dat betekent dat er in de transportsector vooral zal moeten worden geïnvesteerd in snel internet voor iedereen met bijbehorende veiligheidsvoorzieningen en digitalisering van alle vormen van dienstverlening a la Estland, en niet in wegen of vliegvelden. Dat vraagt geen extra overheidsfondsen. Verder is dit een uitgelezen kans de omschakeling naar elektrisch vervoer te versnellen: versnelde aanleg van laadinfrastructuur, versnelde aankoop van elektrische auto’s, vrachtwagens en bussen door bedrijven, overheden en consumenten. Invulling van de duurzaamheidsvoorwaarden bij de steun aan KLM mag natuurlijk niet ontbreken. Frankrijk heeft dat al gedaan voor Air France: halvering CO2 per passagier in 2030, 2% duurzame brandstof in 2025, halvering korte vluchten in 2024.

Als er steun moet worden gegeven aan de landbouw door wegvallende vraag en gebrek aan seizoenarbeiders, dan zijn er uitstekende mogelijkheden om dat te doen via financiering van andere natuur-inclusieve en circulaire landbouwmethoden, het stimuleren van nieuwe landbouwproducten en het financieel waarderen van de vastlegging van CO2 in landbouwgrond. Dat past bij de lange-termijn doelen van de overheid en draagt ook nog een bij aan een beperking van de stikstofuitstoot.

Er zijn genoeg mogelijkheden voor een groen economisch herstelpakket. Laten we dat dan ook doen.

lees meer
urgendaEen groen economisch herstel: geen woorden maar daden

Input verkiezingsprogramma’s 2021

28 april 2020

Brief aan de commissies verkiezingsprogramma’s van alle politieke partijen 

24 april 2020

Geachte ……

Grootouders voor het klimaat is al ruim drie jaar actief om een krachtig en tijdig klimaatbeleid te bevorderen. Met ongeveer 2 miljoen grootouders in Nederland vertegenwoordigen een grote groep senioren die bezorgd zijn over de toekomst van de volgende generaties. In onze recente brief aan de tweede kamer  hebben we geconstateerd dat we met het klimaatakkoord de goede kant op gaan, maar nog niet snel genoeg.

Daarom hebben we een aantal suggesties voor uw verkiezingsprogramma, waarvoor we naar de bijlage verwijzen.
In het belang van onze toekomstige generaties doen we een beroep op u om deze suggesties te verwerken in uw verkiezingsprogramma.
Wij zijn benieuwd naar uw reactie op onze voorstellen en zijn vanzelfsprekend beschikbaar voor verder toelichting.

Namens de Grootouders voor het Klimaat,

Philip Beekman en Bert Metz


Bijlage

Voorstellen van de Grootouders voor het Klimaat voor uw verkiezingsprogramma 2021

De urgentie van het klimaatbeleid
De COVID-19 pandemie heeft ons laten zien wat slagvaardig en eensgezind bestuur vermag. De lessen die we daarbij geleerd hebben zijn: voorkomen is beter dan genezen; burgers accepteren krachtige maatregelen als ze de noodzaak ervan begrijpen; bijzondere situaties vragen om bijzondere maatregelen. Het beperken van de opwarming zoals vastgelegd in het Parijs Akkoord vraagt om zo’n krachtige en eensgezinde aanpak. Niet alleen een samenleving met minimaal 1,5 meter, maar ook met een opwarming van maximaal 1,5 graad!
Een duurzaam economisch herstel
Na het indammen van de COVID-19 pandemie is de eerste uitdaging om de sociale en economische schade ervan te herstellen. Als we dat slim (smart) doen kunnen veel maatregelen die daarvoor nodig zijn ook helpen bij het voorkomen van de klimaatcrisis. Belangrijke elementen daarvan zijn:
• Voorlichting:
Draag uit dat de bedreiging van de klimaatcrisis weliswaar op langere termijn is, maar dat de ernst en gevolgen ervan iedereen zullen raken en vele malen groter zijn dan die van COVID-19 pandemie. Maatregelen zullen langdurig moeten worden volgehouden. Daar is groot maatschappelijk draagvlak voor nodig en dus een brede, krachtige, en lang vol te houden voorlichtingscampagne.

• De juiste investeringen uitlokken:
Er zijn veel investeringen die werkgelegenheid creëren en bijdragen aan een klimaatvriendelijke samenleving. Voorbeelden:
o Infrastructurele herstelplannen richten op transitie naar een duurzame economie: geen wegen en luchthavens, maar snel internet en duurzame energienetwerken. De coronabeperkingen laten zien dat thuiswerken en online vergaderen veel verkeer kunnen voorkomen. Dat kunnen we op deze manier vasthouden.
o Ondersteuning aan bedrijven combineren met voorwaarden over investeringen die bijdragen aan de klimaattransitie. Denk daarbij met name aan agrariërs en ondernemers, voor wie het klimaat- en natuurbeleid de grootste aanpassingen vragen.
o Subsidies van burgers voor investeringen in verduurzaming van woningen verruimen. Dit helpt de energietransitie en creëert veel werkgelegenheid, zeker voor kleine ondernemers.
o Belastingen en subsidies zo aanpassen dat lokale en duurzame producten worden gestimuleerd.

• De burger de ruimte geven om het voortouw te nemen.
Burgers kunnen naast overheid en bedrijfsleven veel op gang brengen. Zie bijvoorbeeld de vele energiecoöperaties die in Nederland actief zijn. Terwijl het draagvlak voor windturbines en zonneparken op land leidt tot vertraging in de energietransitie, is er te weinig ruimte voor (financiële) burgerparticipatie. Verruiming van de Postcoderoosregeling en voorkeursrecht voor cooperatieve burgerprojecten kunnen een enorme stimulans zijn voor investeringen in duurzame energieprojecten (met gunstige werkgelegenheidseffecten) en het draagvlak vergroten.

De bestuurlijke traagheid doorbreken
De uitvoering van het klimaatbeleid wordt vertraagd door bestaande regels en gebrekkige afstemming tussen bestuurslagen. Dat kan en moet doorbroken worden door aanpassing van de regelgeving (begrijpelijk en eenvoudig uitvoerbaar, uitzonderingsprocedures, bevoegdheden) en door de aanstelling van een Klimaatcommissaris die zicht houdt op de uitvoering en noodzakelijke aanpassingen van regelgeving kan agenderen.

Train veel meer mensen voor duurzame banen:
Er is veel geschoold personeel nodig om de plannen van het Klimaatakkkoord uit te voeren. Die mensen zijn er nu niet. Grote omscholingsprogramma’s kunnen die problemen oplossen en tegelijk werknemers die hun baan hebben verloren door de coronacrisis uitzicht bieden op een nieuwe toekomst.



Reacties op de voorstellen

Forum voor Democratie

Geachte heer Beekman,

Hartelijk dank voor uw bericht. Het is erg prettig dat mensen zoals u meedenken met gebeurtenissen in de maatschappij en de rol van Forum voor Democratie hierin.
Wij zullen uw feedback verwerken en gebruiken voor onze eventuele toekomstige handelingen.

Met vriendelijke groet,

Groen Links

Beste Philip en Bert,

Veel dank voor jullie suggesties. Die zijn in hoge mate in lijn met de ideeën die we momenteel in ons verkiezingsprogramma aan het uitwerken zijn. Mooi hoe jullie die samenhang tussen krachtdadig bestuur, groen investeren en ruimte voor burgers combineren, daar gaan we ons voordeel mee doen.

Hartelijke groet,

VVD

Beste Philip en Bert,

Dank voor jullie bericht, dat wordt zeer gewaardeerd. Ik ga de input clusteren op thema en stuur deze door naar de commissie.

Indien zij een gesprek met jullie willen dan nemen wij contact met u op.

 

Voor nu wens ik u een goede gezondheid toe!

Met vriendelijke groet,

 

CDA

Geachte heer Beekman en heer Metz,

Hartelijk dank voor uw bijdrage aan het verkiezingsprogramma. Deze heb ik doorgestuurd aan de leden van de programmacommissie. Als zij na bestudering van uw bijdrage nog vragen hebben, nemen ze graag contact met u op.

Hartelijke groet,

Partij voor de Toekomst

Geachte Beekman,

Dank voor uw uitgebreide mail met vele boeiende voorstellen.

Op dit moment is het onwaarschijnlijk druk. In twee dagen tijd hebben zich al meer dan 2000 belangstellende leden gemeld. Daar is nu al onze aandacht op gericht.Morgen wordt het ledenadministratieprogramma geïnstalleerd. Daarna gaan we verder uitbouwen.

Ik hoop oprecht dat u via info@partijvoordetoekomst.nu lid wilt worden en verder met ons mee wilt denken.

In haast.

Met vriendelijke groet,

Volt 

Beste,

Ik heb het document doorgegeven aan het beleidsteam. Voor direct contact met de themacoördinator op dit onderwerp kunt u contact zoeken met Floris Eigenhuis. Hij is actief rondom milieu beleid.

Met vriendelijke groet,

Het beleidsteam

Denk 

Geachte heren,

Dank voor uw inbreng! De programmacommissie maakt een voorselectie van programmapunten waarna het programma voorgelegd wordt aan het bestuur en de leden van de partij. Indien er vragen zijn over de inbreng neem ik contact met u op.

Met vriendelijke groet,

D66

Geachte heren Beekman en Metz,

Hartelijk dank voor uw bericht. Ik zorg dat uw bijdrage wordt meegenomen in het proces voor ons verkiezingsprogramma. Mochten er van onze kant vragen ontstaan naar aanleiding van uw bijdrage, dan zal ik u hiervoor uiteraard benaderen.

Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

50 Plus

Goeden dag,

Er kunnen geen ideeën meer worden aangedragen.

De sluitingsdatum 20 maart 2020 voor ideeën voor het verkiezingsprogramma 50PLUS 2021 / 2025  is gepasseerd.

Dit is een automatisch gegeneerd bericht.

Het partijbureau.

PvdA

Geachte  heren Beekman en Metz,

Wij danken u zeer voor uw waardevolle input voor het verkiezingsprogramma van de Partij van de Arbeid. Wij zullen uw stuk met aandacht bestuderen.

Mochten er naar aanleiding daarvan vragen bij ons ontstaan, dan zoeken wij contact voor een nadere mondelinge toelichting.

Namens de programmacomissie

SGP

Geachte heer Beekman en Metz,

Hartelijk bedankt voor uw bijdrage. Als er verder input wenselijk is zal ik het u laten weten.

Met vriendelijke groet,

ChristenUnie 

Geachte heren Beekman en Metz,

Heel hartelijk dank voor uw mail voor het nieuwe verkiezingsprogramma van de ChristenUnie. Ik heb uw mail doorgestuurd naar de secretaris van de programmacommissie. De commissie zal alle bijdrages meewegen bij het opstellen van het programma. Mochten zij vragen hebben over uw bijdrage, dan zal men contact met u opnemen.

Met vriendelijke groet,

namens de Verkiezingsprogrammacommissie

JONG

Dank jullie wel!

Het overgrote deel van jullie voorstellen zijn ook de onze. Maar dat we op elkaar aansluiten, wist ik al. Jullie visie is een lange termijn toekomstvisie, een toekomst voor de jeugd en de volgende generaties. Dat is mooi. Want daar ontbreekt het structureel aan bij veel partijen. Ik blijf het ook een gouden combinatie vinden: grootouders die zich inzetten voor de toekomst van hun kleinkinderen. Niet meer alleen je eigen korte termijn belang, maar het belang van je nageslacht. Een beter cadeau kun je niet geven. Niet alleen schenken met de warme hand, maar ook met een warm hart.

Ik zal zorgen dat we jullie tekst ook zeker (wel aangepast naar voor jongeren begrijpbare taal) gaan gebruiken.

De meerderheid van de politiek wil echter zo snel mogelijk weer terug naar ‘normaal’, hoe het voor de crisis was. Dus veel weerklank krijgen deze ideeën nog niet. Daarom willen wij de politiek in, dan moeten ze wel naar ons luisteren.

Het aantal mensen dat met ons meedoet, groeit snel.

lees meer
urgendaInput verkiezingsprogramma’s 2021

1,5 graden

28 april 2020

1,5 o

Het woord 1,5 raakt steeds populairder. Iedereen praat over de 1,5 meter samenleving. Goed om even stil te staan bij die andere 1,5: de opwarming van de aarde met maximaal 1,5 graad, zoals afgesproken in het Akkoord van Parijs.

Hoe staat het met de opwarming?
Het jaar 2019 was het op een na warmste jaar sinds het begin van de waarnemingen: ongeveer 1 graad boven de periode 1850-1900 (het gemiddelde van alle land- en zeeoppervlakken). In Europa was het zelfs het warmste jaar ooit. Metingen over de maand maart in 2020 laten mondiaal een opwarming zien van ca 1,1 graad zien t.o.v. het gemiddelde over de maand maart in de periode 1900-2000. We zijn dus hard op weg om de 1,5 graad te passeren in de loop van deze eeuw, wellicht zelfs al over een jaar of tien.

Waarom is 1,5 graad als maximum belangrijk?
Hoe groter de opwarming, hoe ernstiger de effecten van klimaatverandering zullen zijn. Het Intergovernmental Panel on Climate Change van de Verenigde Naties (IPCC), dat de wetenschappelijke kennis samenvat, heeft op een rij gezet wat het verschil in de effecten van klimaatverandering is tussen een wereld die 2 of 1,5 graad warmer is. Kort samengevat: bij 2 graden opwarming zal alle koraal op de wereld verdwijnen, bij 1.5 graad kunnen we nog 10-30% redden; bij 2 graden elke 10 jaar een ijsvrije poolzee, bij 1,5 graad eens per 100 jaar; bij 2 graden krijgt een derde van de wereldbevolking te maken met extreme hittegolven, bij 1,5 graad blijft dat beperkt tot 10%; bij 2 graden worden 50% meer mensen geconfronteerd met watertekorten (en dus bedreigingen van voedselzekerheid) dan bij 1,5 graad, en de meest kwetsbaren zijn vooral arme mensen in ontwikkelingslanden; bij 2 graden zal het biodiversiteitsverlies 2 tot 3 keer groter zijn dan bij 1,5 graad; bij 2 graden is er een grote kans dat, over een periode van honderden tot duizenden jaren, al het ijs op Groenland en Antarctica afsmelt, met een zeespiegelstijging van tientallen meters tot gevolg, bij 1,5 graad kan dat voorkomen worden.

Dus minimaal 1,5 meter en maximaal 1,5 graad!

Verspreid deze boodschap met het poster dat we hebben gemaakt. Voor je raam of stuur het aan je netwerk.

lees meer
urgenda1,5 graden

Corona en klimaat deel 2

14 april 2020

Nu de piek van de Corona- epidemie in zicht lijkt, wordt er volop gesproken over hoe we langzamerhand weer naar een “normale situatie” kunnen terugkeren. Dat zal nog wel even duren, omdat het virus nog steeds rond gaat en omdat er voorlopig nog geen vaccin zal zijn. Er wordt veel gepubliceerd over wat er zou moeten gebeuren om weer uit de diepe economische recessie te komen die onvermijdelijk zal optreden. En vooral wordt opgeroepen dat dit het moment is om af te stappen van het economisch systeem dat heeft geleid tot roofbouw op de aarde en de mens. Zie bijvoorbeeld het stuk van Prinses Irene in de Volkskrantoproep van Europese politici en CEO’s en een van 170 bezorgde professionals in Trouw.

Maar wat gebeurt er in de praktijk? Voorlopig ligt het accent bij de steun van de overheid aan de economie op het voorkomen dat grote aantallen mensen worden ontslagen door royale tijdelijke loonkostenvergoedingen. Daarin wordt geen onderscheid gemaakt naar klimaatvriendelijkheid van de activiteiten en dat is op korte termijn ook niet goed mogelijk. Ook ligt het accent op het voorkomen dat bedrijven failliet gaan door middel van giften en leningen aan kleine bedrijven, uitstel van belastingbetaling, etc. Voor de grotere bedrijven is het nog niet duidelijk hoe dit er gaat uitzien.

De luchtvaart is vrijwel tot stilstand gekomen. Air-France -KLM verwacht deze maand een reductie van 90% in het vervoer van passagiers en het eind daarvan is niet in zicht. Er wordt druk gesproken over een reddingsoperatie in de vorm van garantstelling door de staat voor enorme leningen of misschien zelfs een nationalisatie. Zullen daarin voorwaarden worden gesteld voor een klimaatvriendelijke koers in de toekomst en voor minder afhankelijkheid van overheidssteun? Het meest gehoorde commentaar is dat zoiets tot hogere kosten leidt en dus niet past bij herstel uit een diepe recessie. In de VS is zelfs door de Democraten geprobeerd duurzaamheidseisen te verbinden aan de grote leningen (60 miljard dollar) die inmiddels aan de luchtvaartmaatschappijen zijn uitgedeeld. Maar dat mislukte. Daar gaan de mooie intenties. Rest alleen oproepen en petities zoals van “Stay Grounded” om die duurzaamheidsvoorwaarden wel te stellen. Er is enige hoop, want in de Tweede  Kamer zijn er wel partijen die wel vast willen houden aan voorwaarden voor steun aan de KLM.

Dan de olie-industrie. Ook daar vallen harde klappen door de verminderde vraag naar olie en gas. En daar komt nog eens bij dat Saudi Arabië een prijzenoorlog is begonnen om andere olieproducenten (lees vooral de VS) uit de markt te drukken. Een artikel in de Guardian laat zien dat er veel oliebedrijven failliet zullen gaan, dat veel nieuwe investeringen bij de huidige olieprijzen niet meer rendabel zijn, maar ook dat de lage olieprijs de vraag juist weer aanjaagt. Een unieke kans lijkt het om nu een CO2-belasting op olie- en gasproducten te leggen en om het zoeken naar nieuwe olie- en gasvelden te staken. Het Internationaal Energie Agentschap roept ook op om deze kans aan te grijpen versneld af te stappen van fossiele brandstoffen. Maar gaat dat ook gebeuren? In de VS en Canada worden oliebedrijven al gesteund met grote goedkope leningen. President Trump lijkt zelfs akkoord te gaan met productiebeperking in de VS om de olieprijs omhoog te krijgen. En in een nieuwe 1,5 meter economie zal het openbaar vervoer het lastig hebben en zullen meer mensen weer de auto kiezen. Europese autofabrikanten lobbyen inmiddels al in Brussel om de voorbereidingen voor aanscherping van de emissie-eisen voor nieuwe auto’s te stoppen. We kunnen er dus allerminst vanuit gaan dat we de Corona-crisis zullen gebruiken om versneld met fossiele brandstoffen te stoppen. Er zal veel druk op regeringen moeten worden uitgeoefend om dat wel te realiseren. Zie bijvoorbeeld de petities van Milieudefensie, de Club van Rome en Greenpeace.

Het is duidelijk dat de economische stimulering om uit de Corona-depressie te komen nog alle kanten kan uitgaan. Noodzakelijke grote hervormingen zouden een flinke duw in de rug kunnen krijgen als er voldoende druk op regeringen wordt uitgeoefend, maar zeker is dat allerminst.

lees meer
urgendaCorona en klimaat deel 2

Corona en klimaat

30 maart 2020

Corona en klimaat
Als je klikt op de blauwe titels ga je naar de verschillende artikelen die zijn verschenen.

Je hebt het ongetwijfeld al ergens gelezen: door de wereldwijde Corona epidemie en de daarmee gepaard gaande stillegging van het openbare leven neemt de uitstoot van CO2 duidelijk af. Hoe moeten we daar tegenaan kijken?

Een artikel in het Reformatorisch Dagblad zet een en ander genuanceerd op een rij. Geen vreugde over deze daling, want de Corona epidemie zorgt voor veel leed. En ook geen valse hoop dat dit zal leiden tot een fundamentele verandering in het gebruik van fossiele brandstoffen. De financiële crisis van 2008 liet zien dat na een forse dip er gemakkelijk een inhaaleffect optreedt.

Bovendien wordt klimaatbeleid, dat juist politiek topprioriteit was geworden, nu even minder belangrijk, wat begrijpelijk is. De voorbereidingen voor de klimaattop in Glasgow eind dit jaar, waar landen met ambitieuzere plannen zouden moeten komen, liggen stil en uitstel van de top lijkt waarschijnlijk.

Kunnen de economische steunpakketten, die overal worden gelanceerd, ons helpen om beter (lees: klimaatvriendelijker) uit de Corona crisis te komen? Daar moeten we niet te naïef in zijn. De crisis komt zo snel dat er nauwelijks tijd is om maatwerk te ontwikkelen. De regels voor de Europese Centrale Bank laten dat ook niet toe. We kunnen het niet verkopen om werknemers van installateurs voor zonnepanelen wel te steunen en automonteurs van dieselauto’s niet. Op wat langere termijn, als de Corona epidemie onder controle is, zijn er natuurlijk meer mogelijkheden. Aan steun voor energie-intensieve bedrijven kunnen voorwaarden worden verbonden om na de crisis hun CO2 uitstoot versneld af te bouwen. En er kan gerichte steun worden gegeven aan het hele scala van activiteiten dat nodig is voor de energietransitie. Autofabrieken kunnen worden geholpen door grote bestellingen voor elektrische auto’s, bussen en vrachtwagens. Kolencentrales kunnen, nu hun economische waarde is gedaald, worden gesloten tegen acceptabele compensatiekosten.

De vraag rijst of deze crisis niet zou kunnen leiden tot fundamentele veranderingen in ons economisch systeem. De globalisering heeft ons afhankelijk gemaakt van onderdelen voor Coronatests, die alleen nog in China worden gemaakt. Aandeelhouders van bedrijven wentelen de risico’s af op werknemers en belastingbetalers. De zwakkeren in de samenleving (armen, ouderen, gehandicapten, flexwerkers, daklozen, vluchtelingen) vangen de grootste klappen op. Kunnen we die ongelijkheid nu echt aanpakken met een nieuw “sociaal contract”? Kunnen we grenzen stellen aan de macht van aandeelhouders? Kunnen we de globalisering van onze voedsel- en productieketens flink terugdraaien om minder kwetsbaar te worden? Kunnen we het klimaat, milieu, biodiversiteit, schone lucht en gezonde voeding eindelijk de economische waarde toekennen die ze verdienen?

En dan nog de vraag of deze crisis zou kunnen leiden tot gedragsverandering, waarvan ook het klimaat kan profiteren. Door het gedwongen thuis werken, de reisbeperkingen en het aflassen van vrijwel alle bijeenkomsten is er een enorme toename te zien van online conferenties en gesprekken. Zakenreizen en conferenties zullen vermoedelijk voor een flink deel permanent worden vervangen door onlinebijeenkomsten.  Thuiswerken zal een vaste plaats krijgen en leiden tot minder woon-werkverkeer. Misschien ontdekken mensen dat er leukere tijdsbestedingen zijn dan “shoppen”, zodat er blijvend minder spullen worden gekocht. Ontdekken we dat er dicht bij huis ook mooie vakantiebestemmingen zijn, zodat we minder vaak in het vliegtuig gaan stappen? De tijd zal het leren.

Voor de liefhebber: een artikel (in het Engels) van Michael Liebreich gaat op al deze aspecten nog veel dieper in.

lees meer
urgendaCorona en klimaat

Regionale Energie Strategieën: Zeeland als eerste

16 maart 2020

In het Klimaatakkoord is afgesproken dat er in heel Nederland plannen worden gemaakt om te zorgen dat in 2050 de energievoorziening (elektriciteit en warmte) klimaatneutraal is. In 30 regio’s worden zogenaamde Regionale Energie Strategieën (RES) opgesteld, die concrete plannen voor 2030 moeten bevatten met een doorkijk naar 2050. Op 1 juni dit jaar moet er in alle regio’s een concept RES liggen.

Zeeland heeft in februari jongstleden de eerste RES gepubliceerd. In deze RES staat welke gebieden qua infrastructuur geschikt zijn voor de opwek van zonne- en/of windenergie. Ook staat in de RES welke infrastructuur nodig is om het opwekvermogen aan het net te koppelen. Onderdeel van de RES is een zogenaamde Regionale Structuur Warmte (RSW), waarin afspraken zijn gemaakt over de regionale verdeling van het warmte-aanbod. Dit laatste is een voorbereiding op de Warmteplannen (hoe elke wijk van het aardgas af gaat) die iedere gemeente in 2021 af moet hebben. Ook maakt een duurzame mobiliteitsstrategie, inclusief een tank- en laadinfrastructuur, onderdeel uit van de Zeeuwse RES, wat overigens niet verplicht is.

In Zeeland is bewust gekozen om de RES met een groot aantal partners, zo’n 100 in totaal, te ontwikkelen. Om zo actief gebruik te maken van de kennis en kunde van Zeeuwse ondernemers, overheden, onderwijsinstellingen, ngo’s en inwoners. Door met sectortafels te werken, kunnen veel partijen participeren en hun kennis inzetten daar waar zij de meeste toegevoegde waarde hebben. Er is ruimte voor zowel experts en specialisten, als voor vertegenwoordigers van maatschappelijke of belangenorganisaties, als voor personen en organisaties die begaan zijn met de onderwerpen en enthousiast mee willen denken en werken.

De RES is een dynamisch document en zal iedere twee jaar geëvalueerd en geactualiseerd worden. Op deze manier kan doorlopend worden ingespeeld op de meest actuele technische, economische en maatschappelijke ontwikkelingen. De RES 1.0 zal dus al in 2023 een opvolger krijgen in de RES 2.0. Ieder nieuwe versie van de RES zal ter besluitvorming worden voorgelegd aan het algemeen bestuur van gemeenten, provincie en het waterschap. Om de uitvoering van de RES nog specifieker vorm te geven zal er ook een uitvoeringsplan worden ontwikkeld. Het eerste uitvoeringsplan zal in 2020 worden vastgesteld.

lees meer
urgendaRegionale Energie Strategieën: Zeeland als eerste