Tijdens de jaarlijkse vergadering van het krill neemt één krilldiertje onverwacht het woord. Het heeft een belangrijke vraag voor zijn soortgenoten. Waarom worden ze door iedereen gegeten, terwijl ze zelf niemand kwaad doen? En trouwens, waarom hebben ze een verzamelnaam? Krill bestaat uit allemaal losse diertjes. Langzaam komen de krilldieren tot de ontdekking dat er groot onrecht heerst in zee. Het krill besluit in opstand te komen. Twee krilldieren gaan met een witte vlag op pad om de andere dieren van het onrecht te overtuigen. Ze komen in vrede, gesteund door een koor van triljarden soortgenoten die samen zingen: ‘Wie kom in pies!’