10 punten voor een duurzaam regeerakkoord

We hebben een 10-puntenplan opgesteld met zaken die een volgend kabinet zou moeten oppakken om de afspraken uit het Akkoord van Parijs na te kunnen komen. Het plan: 10 punten voor een duurzaam regeerakkoord geeft aan wat nodig is om wezenlijke versnelling van de uitvoering van het klimaatakkoord te bereiken.  Het is zonder meer realistisch: als we er met zijn allen de schouders onder zetten gaan we het EU-doel in 2030 halen. Het plan is opgesteld met hulp van Grootouders Bert Metz, Philip Beekman, Frans Vollenbroek, Han Visser en Dick van Elk.

De Klimaatwet wordt in overeenstemming gebracht met de nieuwe EU klimaatdoelstelling: 55 procent vermindering van CO2-emissies in 2030 en klimaatneutraliteit in 2050. De route naar 2030 wordt inzichtelijk gemaakt en resultaat verplichtingen worden vastgelegd. Reservepakketten worden voorbereid om tegenvallers op te vangen.

Er moeten nieuwe banen worden geschapen nu de economie door Corona zware klappen heeft opgelopen; ze worden gecreëerd met investeringen in een verduurzaming van de energievoorziening, de gebouwde omgeving, de mobiliteit, de industrie en de landbouw.

De realisatie van de 49% uitstootreductie in 2030 uit het Klimaatakkoord loopt sterk achter, terwijl het doel op 55% is gesteld. Daarom wordt een klimaatautoriteit ingesteld, die toezicht houdt op de uitvoering, problemen signaleert en oplost. De handhavingsinspanningen worden verdrievoudigd. Het tekort aan vakmensen voor de uitvoering wordt aangepakt. Het draagvlak in de samenleving wordt versterkt door informatiecampagnes en de instelling van Burgerberaden.

Om klimaatvriendelijke investeringen en consumptie te stimuleren zal er een prijs gezet worden op CO2 uitstoot en andere vormen van milieudruk. Daarvoor wordt het belastingstelsel herzien door een combinatie van verlaging van loon- en inkomstenbelasting en verhoging van belasting op vervuiling. Voor bedrijven door een CO2 heffing in combinatie met aanscherping van het ETS. Voor consument- en door ombouw van de BTW naar een Belasting op Toegevoegde Milieuschade. De winstbelasting zal worden gedifferentieerd om het voor beleggers aantrekkelijker te maken in duurzame bedrijven te investeren.

Beprijzing en subsidiëring levert in een aantal situaties onvoldoende op door een falende marktwerking of te lage prijsprikkels. Bovendien leiden subsidies tot complexiteit en onzekere uitkomsten. Daarom wordt – waar nodig – gebruik gemaakt van wettelijke normen, zoals verplichte energiebesparing zware industrie, verplicht aandeel duurzame financiering banken, verplicht percentage duurzame kerosine of scheepsbrandstof (in EU verband) en verplichte inschakeling van energiecorporaties bij duurzame energieprojecten.

De Europese landbouwsubsidies worden gericht op het bevorderen van deze transitie, vooral voor de veehouderij die de grootste uitstoot heeft. Conform de EU Green Deal wordt het gebruik van bestrijdingsmiddelen in 2030 gehalveerd en het areaal biologische landbouw in 2030 op 25% gebracht. Herstel van natuur wordt mogelijk gemaakt door gericht verplaatsen en uitkopen van landbouwbedrijven. Financiering van de omschakeling naar natuurinclusieve en circulaire bedrijfsvoering en een eerlijke prijs voor hun producten geven boeren een perspectief.

Het draagvlak voor de verduurzaming van de verwarming en verkoeling van huizen wordt versterkt door meer financiële steun voor het woonkostenneutraal maken ervan. Maar er komen ook verplichtingen voor energie-eisen aan woningen bij verkoop en huurwoningen van corporaties. Vergroening van de gebouwde omgeving krijgt een grote impuls. De ruimtelijke ordening wordt weer een Rijkstaak om de verrommeling en verdozing van het landschap te stoppen. Die regie komt bij een nieuw Ministerie voor Wonen, Ruimtelijke Ordening en Milieu.

Het innovatiebeleid wordt meer gericht op het realiseren van een klimaatneutrale industrie (missiegedreven): groene waterstof (ook via import) en vervanging van petrochemie door biochemie. Een klimaatneutraal vrachtvervoer krijgt prioriteit. Van bedrijven die innovatiesteun krijgen wordt commitment gevraagd om op termijn klimaatneutraal te worden. In de EU wordt ingezet op aanscherping van het ETS en invoering van een CO2-grensbelasting.

De transitie naar een klimaatneutrale mobiliteit wordt bepalend voor het beleid: forse investeringen in openbaar vervoer en elektrische laadinfrastructuur (ook vrachtwagens, deels via waterstof). Uitfasering fossiele auto’s, meer ruimte voor de (elektrische) fiets, kilometerheffing op CO2-basis. Voor de luchtvaart/scheepvaart geldt: eerlijke belastingen en een verplicht percentage duurzame kerosine of scheepsbrandstof (in EU-verband).

Artikel 21 van de Nederlandse grondwet over bescherming en verbetering van het leefmilieu wordt aangescherpt en toetsing van wetgeving aan de Grondwet door de rechter wordt mogelijk gemaakt (zoals in de meeste EU landen het geval is).

Lees ook de uitwerking van het 10-puntenplan.

Presentatie 10-puntenplan 

In een webinar is het 10-puntenplan gepresenteerd door Philip Beekman.

Brieven aan lijsttrekkers

Het 10-puntenplan is ook aangeboden aan verschillende politici. De Grootouders voor het Klimaat hebben aan hen brieven geschreven.

Keuzehulp NVDE en Grootouders

Het 10-puntenplan is verwerkt in deze vergelijking van de paragrafen Klimaat en Energie van 7 politieke partijen.

StudioPuik10 punten voor een duurzaam regeerakkoord