Gevoel van urgentie ontbreekt bij Shell

25 juli 2023

Op 19 juli bracht een delegatie van Grootouders voor het Klimaat een bezoek aan de directie van Shell Nederland. Dit gesprek was afgesproken als vervolg op de demonstratieve overhandiging van de Toekomststoel op 6 april.

Frans Everts, president directeur van Shell Nederland en Saskia Kapinga, hoofd Corporate Relations zetten uiteen hoe Shell wil bijdragen aan de energietransitie. De Grootouders-delegatie bestond uit Corina van Arnhem, Hans van Dijk en Hans Opschoor. 

Geen klimaatontkenners

Maar eerst spraken wij over het gebruik van fossiele brandstoffen als oorzaak van klimaatverandering. Shell is daar heel helder over: het bedrijf erkent volmondig dat er een oorzakelijk verband is. Zij willen absoluut niet met klimaatontkenners worden geassocieerd. En zij willen daarover transparant zijn, bijvoorbeeld via het Industry Associations Report. Shell heeft nadrukkelijk afstand genomen van een club als Clintel. 

Dat roept de vraag op: hoe willen bijvoorbeeld PVV, FVD en JA21 klimaatverandering blijven ontkennen als vanuit de sector zelf het verband tussen verbranding van fossiele grondstoffen en temperatuurstijging wordt erkend?

Nederlandse proeftuin

De Noordzee en de IJmond vormen voor Shell een proeftuin waar het grootste deel van de duurzame investeringen naar toe gaan. Anders dan NRC beweerde is de duurzame dochter op de Noordzee niet verkocht, stellen Everts en Kapinga. Als hier een business case gemaakt kan worden zal dat elders in de wereld navolging kunnen krijgen. Het eigen windmolenpark op de Noordzee gaat de groene stroom leveren voor de waterstoffabriek die Shell op de Maasvlakte , als grootste in Europa, laat bouwen. In Pernis wordt een fabriek voor biobrandstoffen gerealiseerd. Maar er moet wel een prijs gemaakt kunnen worden voor biokerosine die concurreert met gewone kerosine. Er moet daarom een richtlijn komen voor gebruik van biokerosine. Shell zegt te lobbyen voor verhoging van dat aandeel.

De waterstoffabriek zal vooral de eigen overige activiteiten van Shell van energie voorzien, maar dat wordt door Everts in verband gebracht met het gegeven dat er nog geen grote externe vraag naar waterstof bestaat in Nederland.

De 6,5 miljard aan investeringen in het Noordzeegebied, waarover Shell spreekt zijn inderdaad substantieel. Maar ze staan nog altijd in geen verhouding tot de tientallen miljarden aan uitgekeerd dividend aan de aandeelhouders en inkoop van eigen aandelen.

Terecht stelt Shell dat de overheid tot voor kort veel te traag handelde om de randvoorwaarden te creëren voor de energietransitie.

Geen afbouwpad

We hebben Everts expliciet geconfronteerd met de besluiten van de nieuwe topman van Shell Global om meer olie en gas te gaan produceren, terwijl ze hadden kunnen/moeten doorpakken op het punt van verdere reducties. De reactie daarop was dat ze hun productie-reductiedoelen al hadden gehaald. 

Shell Nederland is er trots op dat men erin slaagt emissiereductie van CO2 door te voeren in de eigen bedrijfsvoering (zogenaamde scope 1 en 2 reducties). Op onze expliciete vragen naar beleid om de uitstoom van afnemers te reduceren (scope 3), kwam weinig terug. De emissies van eindproducten heeft Shell nu eenmaal niet in eigen hand. En over zogenaamd demand management of productverandering was Everts uiterst terughoudend.

Gevangen in de logica van het marktdenken

Op de vraag  wat de aanwezigheid van de Toekomststoel betekent voor de besluitvorming in de bestuurskamer, kwam geen rechtstreeks antwoord. Ook op herhaald verzoek in verschillende bewoordingen bleef de beantwoording ontwijkend.

Het besef van de noodzaak om tot een energietransitie te komen is wel aanwezig, maar die kan volgens de Shell-logica alleen binnen markt- en concurrentieverhoudingen worden gerealiseerd.

Onze vaststelling dat beleid en uitvoering bij overheid en industrie steeds achter lopen bij het vereiste tempo en dat de opwarming in elk nieuw IPCC-rapport telkens weer sneller blijkt te gaan, werd niet ontkracht, maar leverde hooguit schurend ongemak op. De marktlogica, waarin Shell gevangen zit en de logica die uitgaat van urgentie bewegen op afstand langs elkaar heen. Wij redeneren vanuit de verantwoordelijkheid voor de veilige leefomstandigheden voor de toekomstige generaties.  Het voorzorgbeginsel gebiedt immers dat je die veiligheid niet bewust in gevaar mag brengen. Wij redeneren bovendien als het om marktlogica gaat, vanuit de positie dat daarvan meerdere varianten bestaan wat openheid naar meerdere categorieën van stakeholders mogelijk maakt. Shell lijkt weer meer gevangen te zijn door een Angelsaksisch vooropstellen van aandeelhouderswaarden, ten koste van de belangen van andere stakeholders – in dit geval met name toekomstige generaties. 

We zijn niet toegekomen aan de vraag welk punt bereikt moet worden om Shell te laten besluiten te stoppen met fossiele brandstoffen. Op welke noodsituatie moeten we wachten voordat leiderschap wordt getoond? Een crisissituatie vereist crisismanagement, zoals twee voormalige Shell-managers onlangs in Trouw stelden.

Op ons verzoek om elk kwartaal verslag te doen van de betekenis van die Toekomststoel voor de besluitvorming in de directiekamer wilde Everts niet ingaan. Wel toonde Shell zich bereid halfjaarlijks met ons te spreken. En men wil behulpzaam zijn om ons met de Toekomststoel spreektijd te geven op de volgende aandeelhoudersvergadering in Londen.

Onze conclusie

Terugkijkend op het bezoek is onze conclusie dat bij de Shell-directie wel het besef aanwezig is dat de energietransitie nodig is, maar dat een scherp gevoel van urgentie vanwege de klimaatcrisis ontbreekt. Binnen de door aandeelhouders- en investeerdersbelangen gedomineerde marktverhoudingen worden investeringen gedaan en stappen gezet in de richting van duurzame energie, met name ook in Nederland. Maar de aandeelhouder staat vooraan en er is geen afbouwpad voor olie en gas.

Vanwege de genoemde marktverhoudingen meent Shell niet te ver vooruit te kunnen lopen waardoor een echte leiderschapsrol ontbreekt.

Heeft Shell inderdaad gaan handelingsperspectief? Waarom neemt Shell niet het initiatief om de hele sector samen met de OPEC-landen tijdens de aankomende COP-28 conferentie bijeen te brengen? Samen zouden zij dan afspraken kunnen maken hoe versneld tot afbouw van winning en verwerking van fossiele energie te komen. “Voor een duurzame toekomst voor alle kleinkinderen”, zoals op de Toekomststoel in de Shell-directiekamer staat.

Ted AgesGevoel van urgentie ontbreekt bij Shell